Ontwikkeling

Albert O. Hirschman was een Amerikaanse econoom die bestudeerde hoe ‘ontwikkelingslanden’ geholpen konden worden om rijker te worden. Niet om het geld, maar omdat corruptie en inefficiëntie leiden tot politieke instabiliteit, en het risico van dictatuur. Wat hij in 1958 schreef, met het vizier op Latijns-Amerikaanse landen, is nog steeds relevant. ‘In plaats van te kijken naar alomvattende plannen, gebaseerd op heroïsche aannames, zouden ontwikkelingslanden zich moeten concentreren op de onzichtbare processen – ‘verborgen beweegredenen’ – die al in het spel zijn.’ (…) ‘Ontwikkeling gebeurt niet door het ontdekken van de perfecte combinatie van bestaande grondstoffen en de correcte manier van ze te benutten, als wel door het zien van processen, drukmiddelen en prikkels; en de manieren waarop technologie en investering veranderingsprocessen in gang brengen.’

Bespreking van een nieuwe biografie van Hirschman.

Melig

‘Hoe moet ik een potlood slijpen.’ Het camerawerk, de belichting, de montage – allemaal professioneel – en de doodserieuze presentator doen eerst denken aan een plechtige hommage (pleonasme) aan het nobele vak van de potloodslijper. Als dat vak al ooit heeft bestaan. Maar al snel wordt duidelijk dat er een andere agenda is. ‘Om een potlood goed te slijpen heb je niet meer nodig dan een stevige koffer en wat gereedschap, een investering van minder dan 1.000 dollar.’ En daalt het niveau tot bijna-slapstick. Hoewel de potloodslijper nooit een seconde uit zijn rol van dodelijk ernstige vakman valt.

Heerlijk dromen …

Hoe werkt een collectief? Hoe zorg je ervoor dat het product groter is dan de som der delen? Ach, wisten we het maar. Dan zouden voetbal- en andere coaches hun teams feilloos samenstellen. Artikel begint hoopvol met ‘als we nu de inzichten van gedragspsychologie konden koppelen aan enorme databestanden, dan zouden we kunnen zien wanneer en waarom een team begint te draaien!’ En: ‘Talent is beste indicator van teamresultaat. Maar is dat misschien de beste indicator omdat we nog niet zo goed zijn in de analyse van groepsdynamiek?’ Ja …. Niet alleen in sport, maar in wetenschap, bedrijfsleven – wat is het geheim van een goed team? Helaas, aan het eind van 3.700 woorden is de conclusie niet meer dan: ‘Zou het niet fijn zijn als …’

Intussen worden we weer wel meegenomen langs allerlei heerlijke verhalen over de ongrijpbare magie van sport. Basketballer Bill Russell schreef in zijn afscheidsbrief in 1969: ‘Laten we het eens hebben over statistieken. De belangrijkste in basketball zouden zijn: punten gescoord, rebounds en assists. Maar niemand houdt statistieken bij over andere belangrijke dingen  – de goeie schijnbeweging die je maakt waardoor je teamgenoot scoort; de slechte pass die je afdwingt bij de tegenstander; de goede lange pass die je maakt die een andere pass mogelijk maakt die leidt tot een pass die leidt tot een goal; dat je ziet dat een van je medespelers een ‘hot hand’ heeft en je dus een eigen scoringskans opgeeft om hem te laten scoren. All die dingen. Dat zijn allemaal dingen waar we goed in waren die je niet terugvindt in de statistieken.’

Ah, de ‘hot hand.’ Kennelijk is dat een begrip in basketball. Maar in iedere sport ken je ‘flow.’

Antropoloog Ruth Benedict schreef: ‘Geen enkel individu kan de grenzen van zijn eigen mogelijkheden bereiken zonder een cultuur waarvan hij deel uitmaakt.’

Cultuur is misschien de sleutel. Of leiderschap, dat vaak misbruikte woord? Sam Walker schreef in ‘The Captain Class’ dat leiderschap de sleutel is tot een teamprestatie. Niet in de zin van charisma, maar van het vermogen om conflicten op te lossen en moraal te verbeteren achter de schermen.

De onnavolgbare Michael Lewis, van ‘Moneyball,’ schreef over basketball speler Shane Battier: ‘Hier hebben een basketball mysterie: een speler die in de hele NBA wordt gezien als een vervangbaar radartje in machines die worden voortgestuwd door supersterren. Maar elk team waar hij ooit in heeft gespeeld kreeg opeens een wonderbaarlijke aanleg voor winnen.’ Hij vervolgt: ‘Als Battier op de planken staat worden zijn medespelers beter, vaak veel beter, en zijn tegenstanders slechter, vaak veel slechter. Hij pakt niet heel veel rebounds, maar hij heeft een wonderbaarlijke talent om de rebounds van zijn teamgenoten te verbeteren. Als verdediger moet hij vaak de topscorers van de NBA dekken, en hij vermindert hun score-gemiddelde aanzienlijk. (…) Coach Morey zegt: ‘Ik noem hem Lego. Als hij meedoet, passen alle stukjes in elkaar.’

Hoe herken je een Marsmannetje?

Hoe zouden buitenaardse wezens er uit zien? Misschien wel als een steen. Wie weet. Toch kun je wel wat mogelijkheden wegstrepen. Om te beginnen moet hij leven. En ieder levend wezen is ontworpen om zijn leven zo lang en ongeschonden te maken, en te reproduceren. Dat ontwerp is het gevolg van natuurlijke selectie – evolutie. Dus de ‘alien’ moet er uit zien als een wezen dat is gemaakt om zijn omgeving te trotseren. Of hij ogen heeft of oren, groot is of klein, dat valt onmogelijk te voorspellen. Maar Darwin gidst nu de astrobiologen.

Je wordt ouder, papa

Op een zeker moment vindt u geen enkele nieuwe muziek meer interessant. Het overkomt vrijwel iedereen – maar waarom? Om verrukt te raken moet je ook verrast worden – en hoe meer we hebben gehoord, hoe moeilijker het wordt om nog verbaasd te worden. Dan is er de verwaandheid van die jongelui. Muziek moet ons raken, en daarvoor is emotioneel contact nodig met de muzikant. Dat wordt lastiger naarmate de leeftijdskloof groter wordt. En … na ons dertigste worden we ‘vol-wassen.’ We ontdekken onze identiteit en nestelen ons daarin. Het is lastig om voortdurend overdonderd te worden – in onze puberteit lijken we het meest ontvankelijk. En tenslotte, concludeert de auteur,  “Music today f***ing sucks.”

Waarom verdwijnen beschavingen?

Toeschrijven aan één oorzaak is te simpel en ‘leidt onvermijdelijk tot verkeerde conclusies.’ Stierven de inwoners van de Paaseilanden uit doordat ze al hun bomen hadden omgehakt? Nee, de bevolking is nooit erg groot geweest. Sommige jaren was er overvloed, sommige jaren honger. Ze waren geavanceerde boeren. En ze visten in kano’s gemaakt van kleine plankjes, niet palmbomen.  Verhongerden de Maya door jaren van mislukte oogsten? Nee, sommige steden werden vernietigd na een verloren oorlog. Veel misverstand ontstaat door het gebruik van ‘beschaving’ in plaats van ‘samenleving.’ Klinkt dramatischer, maar is moeilijker te bewijzen. De Griekse en Romeinse staten/samenlevingen zijn weg, maar veel van hun beschaving overleeft. Het is ook fijn om het woord ‘collapse’ (ineenstorting) te gebruiken, maar geschiedenis laat zich niet zo makkelijk rubriceren. Na de ‘ineenstorting’ van de Maya-cultuur werden Maya-steden als Chichen Itza, Mayapan en Uxmal in Yucatan gesticht. ‘Ecologische oorzaken,’ oftewel de straf van Moeder Aarde voor de spilzucht van de Mens, zijn al even moeilijk te bewijzen.

Hiërarchie is niet altijd slecht

Gelijke rechten en gelijke kansen is mooi, maar niet iedereen kan even machtig of wijs zijn. Om een samenleving goed te laten functioneren zijn er toch manieren nodig om relaties tussen zwakken en sterken, tussen rijken en armen, tussen oud en jong in stand te houden en liefst te verbeteren. Daartoe helpen hiërarchieën. ‘Ze geven signalen af wanneer respect verwacht wordt.’ Goede hiërarchieën zorgen voor constructief respect: de meester en de gezel. En ze helpen daarmee ook mensen om autonomer te worden. Slechte geven de verkeerde signalen af: bijvoorbeeld een House of Lords waar leden worden gekozen op basis van afkomst, of een kleptocratie als in Rusland waar de macht ligt bij de mensen die zichzelf het meest hebben verrijkt. Maar een hiërarchie is niet noodzakelijk strijdig met gelijke rechten.

 

 

Francis Fukuyama

25 Jaar geleden verscheen Fukuyama’s ‘The End of History and the Last Man.’ Lovende kritiek hier, die ik met veel plezier heb gelezen. Fukuyama werd beschuldigd van leedvermaak en hoogmoed omdat hij in de val van de Sovjet-Unie de triomf van liberale democratie zag. Maar deze recensent zegt dat Fukuyama veel subtieler was, en uitstekend de mogelijkheid van Brexit en Trump had voorzien.

Wat willen ze eigenlijk?

Screen Shot 2015-09-22 at 2.41.25 PM

… arme mensen in de wereld? Misschien moesten we ‘t ze eens vragen. Want dat gebeurt nauwelijks. Misschien zijn ze wel niet zo hulpeloos en dankbaar als we denken, en hopen. De Wereldbank vroeg mensen in drie landen of ze het eens waren met de stelling: ‘Wat er met mij gebeurt in de toekomst heb ik grotendeels zelf in de hand.’ Toen vroegen ze hun eigen medewerkers wat de uitkomst van het onderzoek zou zijn. Die dachten: 20% is het eens met de stelling. Fout. 80%. Zelfde uitkomst onder de rijkste en armste lagen van de bevolking. Er is weinig kwalitatief onderzoek onder de armste mensen. Misschien willen ze geen waterpomp maar een buskaartje naar de stad, en een hotekamer. Misschien willen ze geen T-shirt maar geld. En misschien is extreme armoe niet een absoluut begrip ($1,25 per dag) maar relatief. Misschien moesten we ‘t ze eens vragen.

Naar Mars!

Een jaar of tien geleden las ik een boek over ruimtevaart-ondernemers, mensen die zelf raketten bouwen. Daarin stond voor mij het archetypische Amerikaanse argument: “We have to get to Mars and it’s too important to leave it to the government.” Elon Musk past in die traditie. Mooi en lang portret plus interview. Hij is bekend door Tesla maar SpaceX is voor hem net zo belangrijk. Waarom moeten we naar Mars? Om het menselijk ras te verzekeren tegen een catastrofe op aarde. Musk vindt mensen wel degelijk speciaal, en vindt dat we de plicht hebben ons intellect, onze ‘consciousness,’ te koesteren.