Na Piketty

Bespreking van recente boeken die Piketty’s theorie uitdagen. Die zegt: als de groei van een land stagneert en de spaarquote hetzelfde blijft, dan verschuift de verhouding tussen inkomen uit werk en inkomen uit vermogen: meer rente, minder loon is een verschuiving in het voordeel van vermogenden (en zo wordt ongelijkheid groter, was zijn volgende en meest besproken conclusie.) Nu zeggen verschillende economen: misschien is het juist andersom. De waarde van een activum – een huis, een obligatie, een aandeel – wordt niet bepaald door de vraag (hoeveel spaargeld er naartoe vloeit) maar door toekomstverwachtingen. Dus het is niet zo dat een vertragende economie geld naar de spaarpot duwt – nee, verbeterd rendement op activa zuigt geld aan. Dus Piketty’s oplossing – meer vermogensbelasting – is niet de enige mogelijke. Je zou bijvoorbeeld ook salarissen kunnen verhogen, dividenden belasten, investeringen aanmoedigen, de huizenmarkt beter organiseren. Zegt o.a. econoom Suresh Naidu.

‘Volg je passie – NIET’

‘Do what you love’ is het mantra geworden van onze postindustriële maatschappij. Maar dit artikel bevat een vermaning voor idealisten – zoals De Bicker  – die ze eens goed in hun oren moesten knopen: ‘Voordat je verliefd wordt op dat warme, verdovende advies zou je jezelf moeten afvragen: ‘Wie heeft er eigenlijk baat bij om werk te laten voelen als non-werk? Waarom zouden mensen die werken hun werk moeten ervaren als hobby? Het is eigenlijk een kapitalistische truc vermomd als ideologie. Als wij werkers nu eens ons werk als werk zouden bestempelen, dan zouden we daar ook redelijke grenzen aan kunnen stellen en een redelijke vergoeding voor kunnen vragen.’