Kernenergie?

Hoeveel kerncentrales moeten we bouwen in Europa om gas overbodig te maken? 50 tot 150 stuks. Totale capaciteit? 5x Franse kerncentrales. Die zijn gebouwd in 15 jaar. Dus een hele klus, maar wel te doen.

(Lieve collega-journalisten, willen jullie alsjeblieft het woord ‘nucleair’ vervangen door ‘kern?’ Kernafval, kernenergie, kernoorlog, kernwapens, kernafval, splijtstoffen. De Koude Oorlog is duidelijk te lang geleden voor deze generatie scribenten!)

IPCC WG2

Zo, dat is nog eens een sappige kop. Maar terzake. U hebt misschien ook Antonio Guterres gezien, secretaris-generaal van de VN, die met bijkans overslaande stem ons waarschuwde dat ons laatste uur heeft geslagen. ‘Ongeveer de helft van de wereldbevolking leeft in de gevarenzone, nú, en veel ecosystemen staan op een point of no return (waarbij ze onherstelbare schade oplopen en niet meer kunnen terugkeren naar de oude toestand), nú,’ zei hij.

Als mensen zichzelf overschreeuwen dan word ik wantrouwend.

Bijgaand een reactie van Roger Pielke Jr op dit rapport. Hij vertelt een aantal dingen die ik niet wist (en dat is nu net de charme van deze nieuwsbrief, dat ik niet pretendeer alles te weten maar juist op zoek ga naar mensen die mij iets vertellen wat ik nog niet wist.) Ik lees hem graag omdat hij zo secuur zijn bronnen vermeldt.

Ik wist bijvoorbeeld niet dat er drie werkgroepen zijn bij de IPCC, die allemaal hun eigen interpretatie geven van de bestaande kennis. Dit is dus niet een ‘nieuwer’ rapport dan dat van eind vorig jaar; het heeft een andere invalshoek op dezelfde kennis.

Groep 1 inventariseert de stand van de wetenschap; groep 2 (deze week) kijkt wat de gevolgen zijn voor het klimaat, welke landen en gebieden het meest kwetsbaar zijn, en in hoeverre aanpassing (‘adaptation’) effectief is. Werkgroep 3 kijkt naar de economische gevolgen van klimaatverandering, en wat aanpassing of mitigatie zou kosten.

Maar ‘werkgroep 2 is afgedwaald van zijn doel om de wetenschap te evalueren, en heeft zich gepositioneerd als een cheerleader voor uitstootvermindering,’ zegt Pielke. Het rendement van aanpassing (dijken, uiterwaarden, verhuizing), dat een hoop kosten van emissievermindering kan wegnemen, krijgt weinig aandacht.

In het IPCC rapport, zegt Pielke, staat: ‘Geraamde schade door overstromingen kan worden teruggebracht tot 1/20ste als mensen voldoende aanpassen.’ Dit is zelfs bij het scenario RCP8.5, één van de zwartste scenario’s en één die de laatste jaren als hoogst onwaarschijnlijk wordt beschouwd. Dit botst dus met de alarmerende toon van Guterres. Maar het staat in het rapport, niet in de samenvatting.

Pielke is gespecialiseerd in storm- en overstromingsschade. Hij praat in dit artikel niet over mogelijk verlies aan biodiversiteit, of de kans op waterschaarste. Oordeelt u zelf.

Goed nieuws

De toekomst is moeilijk te voorspellen. Daarom publiceert het IPCC klimaatpanel van de VN niet één voorspelling, maar meerdere scenario’s. Ontwikkelingsrichtingen.

In totaal heeft het IPCC sinds 2005 wel 1.311 scenario’s ontwikkeld, waarvan elf (11) voorrang kregen en extra diep werden uitgewerkt. Nu zijn we 17 jaar verder. Is er nieuwe kennis bijgekomen, die ons noopt om de scenario’s bij te stellen?

Volgens deze studie (peer reviewed, zie hier) zijn er van die ruim 1.300 scenario’s slechts 71 nog plausibel. En de meest zorgelijke scenario’s bleken het minst realistisch.

De waaier van uitkomsten (de dunne grijze lijntjes) wordt een stuk kleiner. De blauwe lijntjes zijn de voorspellingen die stand houden. NB projecties zonder CO2-opvang en -opslag, waarvan we nu nog niet weten of dat op grote schaal werkt. Als we CO2-opslag wel meenemen, ziet de kaart er zo uit:

Voor ieder scenario moet je aannames doen. Meestal meerdere per scenario. Als die aannames later blijken niet te kloppen, dan is het scenario niet meer plausibel.

Hoe kun je beoordelen of een aanname nog valide is? Bijvoorbeeld: kijk wat er tussen 2005 en 2020 in de wereld is gebeurd. Eén scenario ging er van uit dat de wereld energiecentrales op steenkool zou bouwen in hetzelfde tempo als in de jaren voor 2005. Dat bleek niet het geval.

Een andere manier is te kijken naar trends in de periode 2005-2020 van het scenario, en die extrapoleren naar de nabije toekomst – tot 2050 in dit geval – met een methodiek van het IEA die algemeen is geaccepteerd. Als de IEA methode een ander traject oplevert dan was verondersteld in het IPCC scenario, dan is het scenario niet meer plausibel; de IEA methode is immers recenter, en maakt gebruik van kennis en waarnemingen die in de tussenliggende jaren zijn opgedaan. Als deze extra ‘filter’ wordt toegepast op de scenario’s, wordt het aantal plausibele scenario’s zelfs teruggebracht van 71 naar 35.

De 71 plausibele scenario’s komen allemaal op een CO2-uitstoot die zou leiden tot een opwarming van de aarde van maximaal 3ºC; de gemiddelde uitkomst is zelfs 2,2ºC, oftewel iets boven het ambitieuze doel van het Parijs Akkoord.

Het IPCC heeft tot nu toe nog nooit zijn scenario’s geëvalueerd op plausibiliteit.

Klimaat en weer

Al dat extreme weer, komt dat nou door klimaatverandering of niet? Roger Pielke jr.* heeft het laatste IPCC rapport gelezen en distilleert een overzicht. Wat voor soort extreem weer komt vaker voor (detectie), en valt dat toe te schrijven aan menselijk handelen, en dus klimaatverandering (attributie)? Op ieder punt refereert hij aan het IPCC-verslag, en kopieert hij tekstfragmenten ter onderbouwing. Gaat-ie:

Dus bijvoorbeeld: ja, er zijn meer hittegolven, en ja, die kunnen we in redelijk vertrouwen toeschrijven aan klimaatverandering door menselijk handelen. Datzelfde geldt voor zware regenval. Maar niet voor overstromingen (Denk België en Duitsland, afgelopen zomer). Het één leidt niet noodzakelijk tot het ander, en dat legt het IPCC ook weer uit. Verder: door menselijk toedoen is er vaker weer waarin bosbranden kunnen ontstaan (dus langdurig warm en droog weer). Verder, om het ingewikkeld te maken: er zijn vier soorten ‘droogte’ en ze zijn niet allemaal toe te schrijven aan menselijk handelen. Details zie hier. Meteorologische droogte (denk aan minder regen, meer wind), en hydrologische droogte (denk opgedroogde rivieren) komen niet vaker voor en zijn niet toe te schrijven aan klimaatverandering of menselijk handelen; landbouwdroogte wel (denk aan mislukte of armoedige oogsten), en ‘ecologische’ droogte (langdurig tekort aan water) ook.

Cyclonen, wervelstormen, bliksem en onweer, winterstormen, hagel, bliksem, extreem harde wind – komen allemaal niet vaker voor dan in het historisch gemiddelde.

*  Prof aan U of Boulder (Colorado), publiceert al 25 jaar over klimaatwetenschap en beleid, meest gericht op extreme weersverschijnselen. De echte klimaattijgers zullen zijn naam herkennen en zeggen ‘die vertrouwen we niet!’ en ik zeg: lees de inhoud van zijn verhaal, oordeel niet op de persoon.