De scholier

Er is een ander land dat werd opgeschrikt door een plotselinge daling in de PISA scores, de wereldwijde vergelijkende toets voor middelbare scholieren. Dat land heet Zweden, en het jaar was 2013. Net als in Nederland dit jaar scoorden 15-jarigen toen onder het OESO-gemiddelde. Sinds 2016 verbeteren de scores zich weer. Dit ondanks een toename van het percentage immigrantenkinderen, van 12% in 2009 naar 20% in 2018. Wat deed Zweden? De minister van Onderwijs kwam in 2016 niet verder dan: ‘Harder werken.’

Misschien een telefoontje waard.

Cijferinflatie (4)

De kwaliteit van onderwijs gaat niet alleen achteruit door de steeds nonchalantere beoordeling, maar ook door het doodse vakkenpakket. En niet alleen aan de universiteiten. Gisteren kregen we bericht van Willy Gout, kapper, die een kopie stuurde van zijn noodkreet van deze zomer. Hier enkele fragmenten:

Kappers examen geen knip voor je neus waard!

“Studenten worden opgeleid voor het kappersvak in 1960. De studenten van de beroepsopleiding worden al jaren opgeleid voor een niet meer bestaande markt.

“De gemiddelde ROC student die heeft gekozen voor het kappersvak, wordt tijdens de gehele schooltijd (2-3 jaar) opgeleid om te leren watergolven en permanenten. Dit beslaat 50% of meer van de lestijd! Dit terwijl de markt voor deze behandelingen, voor zover deze überhaupt nog bestaat, minder is dan 0.5% is. Beide behandelingen waren populair in de jaren 60! “Watergolven doet al vrijwel geen moderne kapperszaak meer sinds eind jaren 70. De opkomst van het “coupe“ knippen in het begin van de jaren 70 heeft het watergolven totaal verdrongen.

“Mijn naam is Willy Gout, eigenaar, trainer en praktijk opleider van 3 kapperszaken (met ruim 40 collega’s) in Amsterdam, Arnhem en Apeldoorn. Ik ben in 1983 als leerling kapper (BBL) gaan werken. Ook ik moest destijds examen doen in permanenten en watergolven. Zelfs in 1984 was het al een groot probleem om watergolf modellen te vinden. Niet dat de techniek zo moeilijk is, maar vooral omdat het toen de haardracht voor bejaarden was (en de meeste klandizie is nu echt overleden). Omdat ik in Apeldoorn geen modellen kon vinden (ondanks ruime sociale contacten) was ik min of meer genoodzaakt mijn opleiding in Enschede te gaan doen. In die omgeving had je nog wat traditionelere dorpen waar, weliswaar ook met moeite, nog modellen te vinden waren.”

(complete bericht op de site) Meer…

Cijferinflatie (3)

Nog twee lezers over hun ervaringen met diploma- en cijferinflatie.

‘Gewoon maar een mening van een master student data science. Voor ik aan een master begon was ik ervan overtuigd dat dit waardevol zou zijn, immers zou het een van de hoogste niveau’s moeten zijn. Nu zie ik in mijn jaar medestudenten die amper kunnen programmeren, een basiscompetentie in ons vakgebied. Precies zoals P. Fonkert al aangeeft, zij fietsen door groepswerk moeiteloos door de opleiding heen en pakken de “minder technische dingen” op (lees presenteren en een rapport schrijven). Toen ik het persoonlijk vroeg gaf een docent eerlijk toe dat alleen deze master niet genoeg was om een bekwaam data scientist te zijn, en dat het aan te raden is daarnaast online bijscholing te volgen.

De incentives zijn natuurlijk ook krom. Sommige vakken stellen geen fluit voor en studenten halen gemiddeld een 8. Bij andere vakken is het aanpoten om een voldoende te halen, maar deze hebben wel meer inhoud. Waar hecht de werkgever meer waarde aan, de 6 of de 8? Wat staat beter voor de universiteit, studenten “doen het goed” hier of studenten halen het vaak niet?

Ik weet dit niet zeker dus bind me er niet op vast, maar ik meen me te herinneren dat een universiteit vooral winst maakt op afstudeerders. Afvallers en premasters zijn juist een kostenpost. Ik kan natuurlijk niet vergelijken met hoe het vroeger was, maar dit is wat ik om mij heen zie.’ (anoniem)

En Th. Lamballais Tessensohn schrijft:

‘Goedenmorgen. Bekend met het fenomeen van ´N termen´? Volgens mij een vorm van cijferinflatie. https://nl.wikipedia.org/wiki/N-term

Cijferinflatie (2)

Naar aanleiding van het stuk over diploma-inflatie in het VK schreef lezer P. Fonkert het volgende:

‘In ons land is het niet veel beter geregeld in onderwijsland, heb ik na 16 jaar doceren aan de HvA gemerkt. Competentie gericht onderwijs, studiesucces metingen en vakken afschaffen die het laatste niet helpen verhogen, zijn daarvan een paar oorzaken. Het (samen)werken in teams heeft vele lifters opgeleverd die vrijwel allemaal slagen voor nieuwe vakken waarvan het nut op zijn zachtst gezegd twijfelachtig is. Ik kan er een boek over schrijven, maar doe dat niet. Ik geniet nu van de voorbereiding van mijn laatste arbeidzame bezigheid en daar past achterom kijkend klagen niet bij.

Tenslotte schrijf je: “Engeland is het enige land in de OESO waar 16- tot 24-jarigen net zo slecht scoren als 55-tot 65-jarigen in lezen en rekenen.” Naar mijn stellige overtuiging is het met de taal- en rekenvaardigheid van onze jonge Bachelor graduates droever gesteld dan met de huidige 55/65 jarigen. Een voormalige MULO leerling kan/kon en weet/wist veel meer dan een hedendaagse Bachelor in Science.’

Zijn er nog meer Bicker-lezers die weten hoe het er in Nederland aan toe gaat?

Inflatie

Het aantal ‘undergraduate’ (oftewel ‘bachelors’ of ‘kandidaats’) studenten in Engeland is sinds 1990 vervijfvoudigd. En hun niveau is ook spectaculair toegenomen: het percentage dat afstudeerde met een 8 of 9 verviervoudigde tussen 1994 en 2019. Er zijn bijna 10x zo veel ‘Masters.’

Een mirakel? Is de Engelse jeugd collectief veel slimmer geworden? Nee. Een studie in 2007 concludeerde dat studenten die vieren en vijven kregen in de jaren ’80, in de mid-2000 jaren zessen en zevens zouden hebben gekregen. Internationaal vergeleken waren ze niet slimmer geworden, en dat is nog steeds niet het geval.

De afgestudeerden zijn ook niet indrukwekkend: in 2016 zei de OESO dat de Engelse studenten in het onderste 33% procent scoorden op basisvaardigheden, onder 23 OESO-landen. Engeland is het enige landen in de OESO waar 16- tot 24-jarigen net zo slecht scoren als 55-tot 65-jarigen in lezen en rekenen.

Cijferinflatie, dus. Waar komt die vandaan? Perverse prikkels voor universiteiten. De vergelijkende tabellen die in 1993 werden geïntroduceerd kijken naar gemiddelde eindcijfers. Dus – geef hogere cijfers. Ander criterium is: hoe snel krijgen de afgestudeerden een goede baan? Maar werkgevers kijken naar cijferlijsten. Dus – geef hogere cijfers. Studiebeurzen gaat sinds 2011 niet langer naar de universiteiten maar naar studenten, die weer de ‘league tables’ bestuderen. Studenten bepalen of een universiteit groeit of niet. Niet langer de professoren.

Intussen werden universiteiten aangespoord om meer origineel onderzoek te doen. Dat werd beloond op een andere tabel. Maar – goed onderwijs werd niet gescoord. Dus geld ging van lesgeven naar research. Dit en meer in een onthutsend verslag over Brits hoger onderwijs. (tip L. Cleyndert)


Muziek is goed

Middelbare scholieren die muziekles nemen scoren beter op andere vakken, met name beta-vakken en Engels. Studie onder 112.000 leerlingen in British Columbia over periode 2012-2015.

Vloeken in de kerk

Deze nieuwsbrief is mede gebouwd op de overtuiging dat het geschreven woord de meest efficiënte manier van informatie-overdracht is. Zie de beginselverklaring. Maar dat is lang niet altijd zo. Boeken zijn verrassend slecht in het overdragen van kennis, zegt dit essay. Dat komt omdat we denken dat lezen wel voldoende is. Maar het meeste bent u na een paar weken alweer vergeten. Om woorden op een pagina echt te absorberen moet u aantekeningen maken, stoppen en reflecteren, liefst uzelf overhoren. Om dezelfde reden zijn lessen – op school of universiteit – zo ineffectief. Onze aandachtsspanne is te kort. Om informatie te absorberen moet je ermee engageren. Dus een goede les wisselt monoloog af met een uitdaging aan de klas.

Het nut van onderwijs

Bryan Caplan is skeptisch over het nut van traditioneel onderwijs (boek ‘The Case against Education’). Nassim Nicholas Taleb (‘The Black Swan,’ ‘Skin in the Game’) is cynisch over de mensheid. Econoom Tyler Cowen is tomeloos nieuwsgierig. Gesprek tussen de drie. Consensus: met name universitair onderwijs is ongelooflijk duur en kost heel veel tijd om kennis te verzamelen die je nooit gebruikt. Het helpt de middenklasse om hun kinderen in de middenklasse te houden. Mensen die moeten werken om hun brood te verdienen doen er beter aan om een vak te leren; academische studie is een luxe voor mensen die al bevoorrecht zijn. Taleb ging na de middelbare school derivaten verhandelen, en pas op zijn 30ste wiskunde studeren.

Broedplaats Boedapest

Van de wetenschappers die mee hielpen aan het ‘Manhattan Project’ (programma van de VS tijdens WOII om een atoombom te ontwikkelen) waren er vier immigranten uit Hongarije, geboren tussen 1890 en 1920, opgegroeid in Boedapest. Wat hadden ze nog meer gemeen? Ze gingen allemaal naar dezelfde middelbare school, het Fasori Gymnasium. De wiskundeleraar daar, een zekere Laszlo Ratz (foto), kreeg wereldfaam door zijn pupillen. Maar ze kregen niet allevier les van hem. En er was een ander gymnasium dat ook allerlei wiskundige wonderkinderen produceerde: het Minta. En drie kilometer verderop in Boedapest was het Berzsenyi, waar o.a. George Soros, Andrew Grove (Intel), BASIC uitvinder John Kemeny en Nobelprijs-winnaar Dennis Gabor in de banken zaten. Zijn die scholen dan superieur? Alle genoemde mensen zijn Ashkenazi Joods, een bevolkingsgroep met het hoogste IQ ter wereld (ook hoger dan van Joden elders uit de wereld.) De niet-Joodse leerlingen wonnen geen of minder prijzen. Waarom is dat? Lijkt er op dat genetische afwijkingen Ashkenazi enerzijds kwetsbaar maken voor zeldzame genetische ziektes, die anderzijds ook het IQ verhogen. Maar waarom dan juist die in Hongarije? En niet in Nederland, of Duitsland? Aan het begin van de 20ste eeuw woonden er disproportioneel veel Joden in Boedapest. Maar – in absolute getallen was de Joodse bevolking in Polen, Rusland, Roemenië en Duitsland in 1933 veel groter. Zo gaat de zoektocht, te lang om hier samen te vatten, maar vol verrassende wendingen in inzichten.

Geschiedenisles

Met de opkomst van nepnieuws en feitenvrije politiek klinkt de roep om wetenschap steeds luider. Degelijk, verifieerbaar bewijs is wat we nodig hebben. Dus zou onderwijs ook meer tijd moeten besteden aan wetenschappelijke onderzoeksmethodes. Maar is dat een beta of een alpha-vak? Een klein onderzoekje in een Amerikaanse universiteit suggereert dat je kritisch denken heel goed kan leren in het kader van geschiedenis. Bestaat de Bermuda Triangle? Heeft Atlantis ooit bestaan? Brengt het getal 13 ongeluk? Uitdagende vragen bedenken en onzindelijke redeneringen herkennen, daar gaat het om.