In de ruimte

Glasvezel wordt meestal gemaakt van kwarts, een vorm van siliciumdioxide, SiO2. We zeggen ook wel ‘zand.’ Maar een glasvezel van ZBLAN (gemaakt uit de elementen Zirconium, Barium, Lanthanum, Aluminium en Sodium) draagt signalen vele malen effectiever. Probleem is dat bij de fabricage de vezel microkristallen opneemt en een beetje mistig wordt, waardoor hij niet optimaal geleidt. Dat zou niet gebeuren als de elementen bij nul zwaartekracht worden samengevoegd – dus in de ruimte. Firma Made in Space gaat dat nu doen, in het Internationale Ruimtestation. De vezelspinner is al naar boven gebracht. Dit zou het eerste product zijn dat in de ruimte wordt gemaakt voor commerciële verkoop op aarde.

Artikel mijmert verder. Wat wij in de ruimte kunnen gebruiken is beperkt – beperkt doordat het allemaal kant-en-klaar gelanceerd moet worden door reusachtige raketten die de zwaartekracht moeten trotseren. Maar als we nu eens in de ruimte konden assembleren? Een 3D printer kan aan boord van een ruimteschip onderdelen maken. In het ISS staat al een prototype. Die printer hoeft niet met staal te werken – hij kan onderdelen maken van  lichter en kneedbaarder plastic, omdat de materialen in de ruimte minder zwaar worden belast. Als je de materialen en de apparatuur had, zou je een voetbalstadion kunnen bouwen.

Het volgende doel is grondstoffen ontginnen in de ruimte. Dan hoef je ze niet meer mee te geven aan de raket. Planetary Resources, mede gefinancierd door Larry Page (Google) en Richard Branson (Virgin), is exact dat van plan: mineralen uit asteroïden winnen. Met robots. Zie hier: