Wat is er toch aan de hand?

Er zijn de laatste maanden van dit jaar grootscheepse en vaak gewelddadige demonstraties geweest in: Libanon, Chili, Spanje, Haïti, Irak, Soedan, Rusland, Egypte, Oeganda, Indonesië, Oekraine, Peru, Hong Kong, Zimbabwe, Colombia, Frankrijk, Turkije, Venezuela, Nederland, Ethiopië, Brazilië, Malawi, Algerije en Ecuador. Volgens één telling, die van econoom Tyler Cowen. Waarom toch? Is de hele wereld dolgedraaid?

Martin Gurri publiceerde onlangs ‘The Revolt of the Public and the Crisis of Authority in the new Millennium.’ 

Je kunt het toeschrijven aan toeval, zegt Gurri in een lange blog. De meeste commentatoren verwerpen dat, zegt hij, en met reden: ‘Als je toeval als oorzaak aanwijst dan valt er verder niets meer te zeggen of te becommentariëren. Maar ik denk dat toeval wel een rol speelt.’ (…) ‘Soms vallen de dobbelstenen van het lot allemaal raar. De Sovjet-Unie was onze eeuwige vijand tot hij uiteen spatte. Hosni Moebarak was de nieuwe farao van Egypte tot hij in drie weken tijd werd verwijderd. Donald Trump was onverkiesbaar tot hij werd gekozen. Een natiestaat is een oneindig ingewikkeld systeem en er kan daarbinnen oneindig veel gebeuren.’

Cowen signaleert dat veel protesten begonnen na prijs- of belastingverhogingen. ‘Consumenten die zich online verzamelen worden misschien de nieuwe subversieve klasse, net als de arbeiders van de 19de eeuw. Dat verklaart misschien waarom die demonstranten bijna overal geen enkele belangstelling vertonen voor een revolutie, of macht, of een ideologie – wat toch de traditionele doelen zijn van politiek. Een consumentenopstand heeft dat soort bagage niet nodig. Het kan zelfs een voordeel zijn, als je grote hoeveelheden mensen wilt optrommelen voor een specifieke klacht.’

Maar dat verklaart niet voldoende. ‘Overal is de drijfveer: de gevestigde orde een klap uitdelen.’

‘De vraag voor mij is: zijn deze opeenvolgende gezagscrises op landelijk niveau een systeemcrisis,’ zegt Gurri. Hij heeft twee hypotheses, een optimistische en een pessimistische.

De optimistische: het is grotendeels toeval, geholpen door de snelheid waarmee informatie reist. Opstandelingen zien voorbeelden elders in de wereld, zien trucs en methodes die effectief zijn, en voelen zich gelegitimeerd. Als er geen systemische onvrede is, raast dit vanzelf uit.

De pessimistische:  ‘Modern bestuur zal als systeem ten onder gaan omdat het niet langer de informatiestroom beheerst. Deze inktvlek van opstanden kun je zien als een ‘failure cascade,’ een domino-effect van gebreken dat het systeem onvermijdelijk brengt tot disorganisatie en opnieuw opbouwen. Een soort negatief viraal effect. Een lokaal defect leidt tot verlies van hogere functionaliteiten, tot het systeem uiteen valt. Dit is hoe vliegtuigen neerstorten en bruggen ineenstorten.’ Waar dit toe zou leiden kan niemand voorspellen. Een nieuwe wereldorde, of totale chaos.

Het kan leiden tot een nieuw sociaal contract tussen elites en bestuurden. ‘Maar ik zie niet hoe dat moet, zo lang het publiek alleen maar ‘nee’ zegt en niet zijn eisen formuleert, zoals een echte politieke macht zou doen. Je krijgt meestal niet waar je niet om vraagt. Hervorming kan er pas komen als het publiek bereid is om ‘nee’ in te ruilen voor praktische politiek.’