De minister van Buitenlandse Zaken heeft een heel groot buitenland en dus 109 ambassades, 26 consulaten-generaal, 12 ambassades (‘pv’s) bij organisaties als de EU en de VN, plus 288 honoraire consuls en 19 kantoren voor het ondersteunen van bedrijven. Dat netwerk is ongeveer net zo groot als dat van grotere landen als Polen, Canada en Indonesië. Op die Nederlandse posten werken ongeveer 3500 mensen, waarvan ongeveer twee derde ‘lokale medewerkers’. Maar wat heb je er aan als je voortdurend wordt ingehaald door de premier en andere ministers? Die vraag stelt Syp Wynia deze week.