Over de omgang met complot-denkers

Ross Douthat, columnist bij de NY Times – u weet wel, Mainstream Media, dus links – zegt: complottheorieën moet je niet belachelijk maken, of wegwuiven. Het is helemaal niet zo raar om skeptisch te zijn, en te zoeken naar complotten. Maar in het geval van de presidentsverkiezingen kun je ze wel van repliek dienen. Hij stelt voor:

‘Kijk naar de klachten die de advocaten van de president daadwerkelijk bij de rechtbank indienen – niet op persconferenties of hoorzittingen of op Twitter. Die juristen hebben er alle belang bij om fraude aan de kaak te stellen. Als hun juridische pleidooi geen beschuldiging van fraude bevat, of slecht onderbouwde beschuldigingen, dan is fraude kennelijk moeilijk te vinden.’

En: ‘Als er iets abnormaals is dat duidt op fraude, dan zou dat te zien moeten zijn in de eindresultaten – dus een patroon van stemresultaten in sleutelsteden dat duidelijk afwijkt van het patroon in steden waar een duidelijke meerderheid is. Of een patroon in de opkomst, in buitenwijken van ‘swing states,’ dat er raar uitziet als je het vergelijkt met buitenwijken in een dieprode of diepblauwe staat. Dat is op veel plaatsen beweerd, maar nog nergens bewezen.’